Als de nood hoog is...

Een noodkreet van verpleegkundigen uit Noord-Italië was de trigger. Masterstudenten Technical Medicine ontwikkelden in recordtempo noodbeademingsapparaten voor coronapatiënten.

Tekst: Gert-Jan van den Bemd | 7 mei 2020

5 minuten

Prof. dr. ir. Jaap Harlaar, directeur van de bacheloropleiding Klinische Technologie en masteropleiding Technical Medicine (gezamenlijke opleidingen van de TU Delft, het Leids Universitair Medisch Centrum en het Erasmus MC), zag de schrijnende beelden op tv: verpleegkundigen die moesten beslissen welke patiënten werden beademd en welke niet. ‘Door gebrek aan beademingsapparatuur moesten zij beslissen over leven en dood. Ik hoorde de angst in haar stem. Een vreselijke situatie.’

Teamwork

Door de Coronacrisis zaten veel van zijn masterstudenten zonder stageplek. Harlaar zag kansen. Hij riep zijn studenten bijeen, voor een groot deel via videoverbinding, en stelde voor om gezamenlijk een veilig en snel te produceren beademingsapparaat te ontwikkelen. De bereidheid om mee te werken was groot: OperationAIR werd geboren. Verschillende teams werden in het leven geroepen om de klus zo efficiënt mogelijk te klaren. Harlaar: ‘Er werd in groepjes gewerkt aan het design, de functionaliteit en veiligheid, de hard- en software, de productieplanning, de juridische aspecten, de training voor de gebruikers. Ook doken de studenten op de financiële aspecten, het management en de interne en externe communicatie. Zij kregen hulp van hun docenten van het Erasmus MC (zoals Peter Somhorst, zie verder) en het LUMC. Ook bedrijven en instellingen deelden belangeloos hun kennis.’

Prof. dr. ir. Jaap Harlaar (links) en Peter Somhorst testen het apparaat - Beeld Levien Willemse

Noodapparaat

Harlaar: ‘We wilden zo snel mogelijk een simpel, veilig en relatief goedkoop beademingsapparaat ontwikkelen. Let wel: ons apparaat is een noodapparaat, bedoeld om de crisissituatie tijdens de coronapandemie op terug te kunnen vallen Het kan worden ingezet om een tekort aan standaardapparatuur op te vangen, niet om die te vervangen.’ Harlaar: ‘We hebben ons gericht op een uitgeklede versie van een beademingsapparaat, met behoud van functionaliteiten die essentieel zijn voor het beademen van coronapatiënten. Ons apparaat, de AIRone, is nog steeds behoorlijk geavanceerd. Een belangrijk verschil: ons apparaat neemt de beademing van de patiënt over. Gaat het na verloop van tijd beter met de patiënt, dan kan een regulier apparaat de beademing ondersteunen. Ons apparaat kan dat niet. Dat betekent dat de patiënt in die fase over moet schakelen naar een regulier apparaat.’

Korte keten

Drie weken na de kick-off was het eerste prototype van de AIRone gereed. Inmiddels zijn er nog diverse aanpassingen doorgevoerd. In eerste instantie werd uitgegaan van 500 stuks, maar omdat de ic-opnamen in Nederland flink zijn gedaald, is dat aantal in overleg met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) bijgesteld naar 80. ‘Wat daarbij heel belangrijk is: de onderdelen die nodig zijn om de AIRone te bouwen komen uit ons eigen land, waardoor de productieketen gegarandeerd is. Dat niet alle onderdelen direct leverbaar zijn is namelijk een belangrijke bottleneck voor producenten van de standaard beademingsapparatuur,’ benadrukt Harlaar. ‘OperationAIR heeft zich ook voorbereid op de fase van de implementatie, service en doorontwikkeling. En er is een scholingsplan uitgewerkt waarmee trainingen kunnen worden gegeven aan het zorgpersoneel.’

Open source

Tijdens die productie wordt veel ervaring opgedaan zodat het team optimaal is voorbereid om de productie te verhogen als er in Nederland toch tekorten ontstaan. Er er ligt een internationale rol: het delen van kennis, het beantwoorden van vragen en het aanbieden van support, zodat de AIRone ook in andere landen kan worden ingezet. Het ontwerp en de documentatie zijn open source beschikbaar via https://osf.io/mn7xq/ .

Initiatiefrijk

Peter Somhorst is als technisch geneeskundige verbonden aan het Erasmus MC. Onlangs onderwierp hij het beademingsapparaat aan een grondige test. Hij is onder de indruk van de prestatie van de Delftse studenten. ‘Ze hebben razendsnel een uitstekend apparaat weten te produceren. En dat zonder ervaring, kennis of de financiële middelen waar de fabrikanten over beschikken. Bijzonder knap.’ Het is onduidelijk of het beademingsapparaat nog geproduceerd gaat worden voor de coronapatiënten in Nederland, maar de vraag zal in andere landen nog toenemen. Harlaar: ‘Het ontwerp van ons apparaat komt als ‘open source’ beschikbaar, dus ook in andere landen kunnen ziekenhuizen gebruikmaken van onze expertise. Zo dragen we bij aan de wereldwijde strijd tegen het tekort aan beademingsapparatuur.’ Harlaar prijst zijn studenten: ‘Iedereen heeft keihard gewerkt om dit van de grond te krijgen. Het was een zeer intensieve, maar ook initiatiefrijke periode. Maar net als ieder ander verlang ik ernaar dat we deze nare tijd kunnen afsluiten, en de positieve impulsen van dit project kunnen meenemen in de opleidingen klinische technologie en technical medicine.’